Wat levert de woonbonus op?

Gewijzigd op 30/01/2013 door Daan Slingers

De Vlaam­se Woon­raad pleit voor een af­bouw van de woon­bo­nus, ook voor de be­staan­de le­nin­gen. Maar wat le­vert de woon­bo­nus ei­gen­lijk op?
betonmolen
© KBC
Door de staats­her­vor­ming gaat de be­voegd­heid voor de hy­po­the­cai­re af­trek vanaf 2014 naar de ge­wes­ten. De Vlaam­se Woon­raad pleit er nu voor die ge­le­gen­heid aan te grij­pen om een co­he­rent Vlaams woon­be­leid te ont­wik­ke­len. Ze ad­vi­seert om de woon­bo­nus af te bou­wen, ook voor de be­staan­de le­nin­gen. Maar zover lijkt het niet te komen. De Vlaam­se re­ge­ring ver­ze­ker­de in­tus­sen dat er voor de lo­pen­de le­nin­gen niets zal ver­an­de­ren.

Lees ook: 'Hypothecaire aftrek van bestaande woningen blijft'

De woon­bo­nus is het fis­ca­le voor­deel voor hy­po­the­cai­re le­nin­gen af­ge­slo­ten na 1 ja­nu­a­ri 2005 voor de bouw of aan­koop van een ge­zins­wo­ning. In het re­gime van de woon­bo­nus le­ve­ren de be­taal­de in­tres­ten, ka­pi­taal­a­f­los­sin­gen en de pre­mies voor de schuld­sald­over­ze­ke­ring een fis­caal voor­deel op. Om in aan­mer­king te komen moe­ten een aan­tal voor­waar­den vol­daan zijn. De twee be­lang­rijk­ste eisen zijn dat u leent voor uw ‘enige’ en ‘eigen’ wo­ning. Enige wo­ning be­te­kent dat u geen ei­ge­naar, be­zit­ter, erf­pach­ter, op­stal­hou­der of vrucht­ge­brui­ker bent van een an­de­re wo­ning in bin­nen- of bui­ten­land.

Met wo­nin­gen waar­van u de me­de-ei­gen­dom, blote ei­gen­dom of het vrucht­ge­bruik erfde, wordt geen re­ke­ning ge­hou­den. ‘Eigen wo­ning’ houdt in dat u zelf in de wo­ning woont. Beide voor­waar­den (enige en eigen) wor­den ge­toetst op 31 de­cem­ber van het jaar waar­in u leen­de. Enkel in spe­ci­fie­ke sce­na­rio’s kunt u wel de woon­bo­nus krij­gen, ook al woont u er niet. Die voor­waar­den wor­den voor ie­de­re be­las­ting­plich­ti­ge apart be­oor­deeld. Bent u ge­huwd of woont u wet­te­lijk samen en vult u samen met uw part­ner één be­las­ting­aan­gif­te in, dan is het per­fect mo­ge­lijk dat één part­ner recht heeft op de woon­bo­nus en de an­de­re niet.

Tot 3 ​090 euro

Niet alle be­ta­lin­gen van in­tres­ten, ka­pi­taal­a­f­los­sin­gen en pre­mies voor een schuld­sald­over­ze­ke­ring le­ve­ren een fis­caal voor­deel op. Voor de be­ta­lin­gen die u in 2013 doet, ligt het ba­sis­be­drag op 2 260 euro. Dat be­drag wordt de eer­ste tien jaar van uw le­ning met 750 euro ver­hoogd. Wie drie kin­de­ren heeft op 1 ja­nu­a­ri van het jaar vol­gend op het jaar waar­in de le­ning werd af­ge­slo­ten, krijgt een extra ver­ho­ging van 80 euro. Dat brengt het maxi­ma­le be­drag op 3 ​090 euro per be­las­ting­plich­ti­ge.

Bent u ge­huwd of woont u wet­te­lijk samen en heeft u bei­den recht op de af­trek, dan kun­nen u en uw part­ner samen maxi­maal 6.​180 euro in­bren­gen.

Wat le­vert de woon­bo­nus op? Het voor­deel hangt af van de hoog­te van uw in­ko­men en schom­melt tus­sen 25 en 50 pro­cent (plus ge­meen­te­be­las­tin­gen). Als u het maxi­mum­be­drag van 3 ​090 euro kan aan­ge­ven en tegen het hoog­ste ta­rief be­last wordt, le­vert de woon­bo­nus een maxi­maal voor­deel van 1 ​545 euro op. In het re­geer­ak­koord was voor­zien dat het voor­deel zou te­rug­ge­bracht wor­den tot een be­las­ting­ver­min­de­ring tegen een vast ta­rief van 45 pro­cent (plus ge­meen­te­be­las­tin­gen). Maar die aan­pas­sing is er niet ge­ko­men.

Bron: De Tijd